Belgische voedingsindustrie is robuust, maar voelt toenemende druk in België én daarbuiten
Om vooruit te kunnen, heeft de sector een betrouwbaar kompas nodig voor duurzame verankering
De Belgische voedingsindustrie sluit haar eerste duurzaamheidsroadmap af op een moment van stijgende kosten, internationale concurrentie en steeds complexere duurzaamheidsvereisten. Toch toont de sector dat vooruitgang mogelijk blijft. De roadmap maakte de voorbije vijf jaar duidelijk wat werkt, waar verbetering mogelijk is, waar bedrijven vandaag vastlopen én waar beleid moet bijspringen. Met de nieuwe roadmap richting 2030 krijgt de sector opnieuw een helder en haalbaar kader om verder te bouwen aan een duurzaam voedingssysteem.
Vijf jaar vooruitgang in een uitdagende context
De roadmap diende vijf jaar als kompas voor de sector. Vanuit de vraag “Wat eten we morgen?” bracht ze bedrijven samen rond oplossingen die mens, product, planeet en economische draagkracht met elkaar verbinden. Die samenwerking leidde tot tastbare vooruitgang richting een duurzamer voedingssysteem.
Die inspanningen leveren duidelijke resultaten op. Het productaanbod past beter in een gezonde levensstijl dankzij het Nutri-Pact, we zetten sterker in op een verantwoorde marketing naar kinderen en jongeren, productieprocessen worden efficiënter en duurzamer, en bedrijven blijven investeren in een veilige en werkbare werkomgeving.
Zo daalde de CO₂-uitstoot per ton product met 28% ten opzichte van 2005, is 98% van de huishoudelijke verpakkingen recycleerbaar en blijft het waterverbruik dalen. Ook de omschakeling naar landbouwgrondstoffen geproduceerd in duurzamere omstandigheden zet door.
Maar de context werd uitdagender. Regio’s zoals Azië, Latijns-Amerika en Oost-Europa winnen aan marktaandeel in de wereldhandel, terwijl West-Europa terrein verliest. Belgische voedingsbedrijven worden geconfronteerd met steeds meer concurrentie op zowel de internationale als de binnenlandse markt.
De race naar de laagste prijs en de toenemende bevoorrading uit Nederland zetten de volledige Belgische voedingsketen onder druk. Daarbovenop stimuleert de lasagne aan taksen, met een extra laag van 102 miljoen euro voor de aangekondigde zwerfvuiltaks, de grensaankopen verder.
Ann Wurman, CEO FeviaBelgische voeding en dranken staan synoniem voor kwaliteit, duurzaamheid en innovatie. Om die troeven volledig te kunnen uitspelen, hebben voedingsbedrijven een eerlijk speelveld nodig. Alleen wie competitief blijft, kan blijven investeren in duurzame initiatieven. En dat is essentieel om de transitie te versnellen.
Ook de overheid kan helpen om deze transitie te doen slagen.
Jean-Luc Crucke, minister van Klimaat, Leefmilieu en Duurzame OntwikkelingIk pleit voor een duidelijk kader en transparante financieringsmechanismen, zodat onze bedrijven met vertrouwen kunnen vooruitgaan naar echte ‘econologie’: de bewuste alliantie tussen economische prestaties en ecologische verantwoordelijkheid.
Een helder en realistisch kader voor 2030
Met de vernieuwe roadmap richting 2030, bouwen we verder op de ingeslagen weg, met dezelfde overtuiging. De nieuwe roadmap bundelt 21 doelstellingen en kadert de uitdagingen van bedrijven voor de komende jaren. In een context van strengere duurzaamheidsrapportering, nieuwe regels rond milieu en sociaal beleid en blijvende internationale druk, biedt de roadmap een gedeelde strategie die richting geeft en prioriteiten scherp stelt.
Deze roadmap blijft uniek in Europa: geen andere federatie werkt met een vergelijkbare, collectieve strategie voor alle duurzaamheidsdomeinen. Ze ontstond opnieuw in nauwe dialoog met bedrijven en stakeholders. Met dit kompas wil de sector samen met haar partners een voedingssysteem bouwen dat waarde creëert voor mens, planeet en economie.
Nathalie Guillaume, voorzitster FeviaBouwen aan een duurzame toekomst, doe je niet alleen. De nieuwe roadmap is het resultaat van een dialoog met onze bedrijven en stakeholders. Ze toont dat vooruitgang mogelijk blijft wanneer we onze krachten bundelen. Samen bouwen we aan een voedingssysteem dat waarde creëert voor mens, planeet én ondernemingen.
De roadmap voorziet voor kmo’s een eigen traject, dat hen stap voor stap helpt een duurzame strategie op te bouwen op maat van hun bedrijf. De volledige roadmap en tools vind je op www.watetenwemorgen.be.
Belgische consument zoekt balans tussen gezondheid, duurzaamheid en betaalbaarheid
Ter voorbereiding van de nieuwe roadmap liet Fevia opnieuw een consumentenenquête uitvoeren via marktonderzoeksbureau Why5Research. De resultaten tonen dat kwaliteit, smaak en prijs primeren in de aankoopkeuzes van de Belg.
Voor de meeste Belgen blijft eten in de eerste plaats een bron van genot en ontspanning: 79% beleeft plezier aan eten. Maar naast genieten kiest de Belg ook steeds bewuster. Mensen willen gezonder én duurzamer eten, maar 6 op 10 weten niet goed wat écht duurzaam is. Betaalbaarheid blijft daarbij de grootste drempel.
Het vertrouwen in de voedingsindustrie stijgt met 4,5% in vergelijking met 2021. Tegelijk blijven de verwachtingen hoog rond transparantie en duidelijke informatie. Vooral jongeren laten zich beïnvloeden door sociale media, wat de nood aan heldere, feitelijke communicatie versterkt.
De resultaten zijn gebaseerd op een bevraging bij een representatieve steekproef van 1207 Belgische consumenten tussen 18-65 jaar.
Nood aan industrieel beleid om duurzaam ondernemen mogelijk te maken
De vorige roadmap toont dat de voedingsindustrie vooruitgang boekt én dat er nog ruimte is om bij te sturen. Bedrijven blijven sterk inzetten op duurzaamheid, maar kunnen dat alleen waarmaken binnen een kader dat hun inspanningen ondersteunt. Daarom formuleert Fevia vier prioriteiten aan beleidsmakers:
- Laten we de duurzame transitie haalbaar maken: werk aan een duidelijk en coherent kader en stimuleer samenwerking in de keten en innovatie.
- Laten we werken aan een industrieel beleid dat competitiviteit en duurzaamheid verbindt: verlaag de loonkosten- en energiehandicap, verminder de fiscale en administratieve lasten en verbeter het kader voor eerlijke handelsrelaties.
- Laat ons de dialoog en samenwerking rond voeding en gezondheid verderzetten.
- Investeer in huidig en nieuw talent: Pak het tekort aan (technisch) talent aan in tijden van arbeidskrapte en stem het onderwijs en de arbeidsmarkt beter op elkaar af.