Economisch Jaarverslag 2016 van FEVIA Vlaanderen

Nadia Lapage
13.09.2017

De Vlaamse voedingsindustrie blijft ook in 2016 de grootste én een van de belangrijkste industriële sectoren.  

  • Met 62.265 directe arbeidsplaatsen is de voedingssector de grootste industriële werkgever in Vlaanderen;
  • De sector blijft volop investeren in Vlaanderen: na het recordniveau van 2015 stegen de investeringen in 2016 nog eens met 10,4%;
  • De omzet blijft groeien, vooral dankzij het toenemend aandeel van de export;
  • In vergelijking met onze buurlanden, doet Vlaanderen het goed inzake innovatie. Met de erkenning van de Speerpuntcluster Agro-voeding hopen we de innovatie-inspanningen van de Vlaamse voedingsbedrijven nog op een hoger niveau te tillen.

Ondanks deze mooie resultaten staat de concurrentiekracht van de sector zwaar onder druk. Naast de opeenstapeling van taksen en heffingen, de hoge (para)fiscale druk, de loonkostenhandicap en de stijgende meerkosten op energie die de voedingsindustrie al een aantal jaren parten speelt, wordt de sector ook meer en meer geconfronteerd met de gevolgen van toenemend protectionisme in de wereld.
De Brexit, de verkiezing van Trump met zijn “America first”-discours en het Franse experiment met verplichte oorsprongsetikettering zijn reële bedreigingen voor de Vlaamse voedingsbedrijven die al tot exportverlies leidden. Wij pleiten in deze voor een échte Europese eenheidsmarkt en aandacht voor de voedingsindustrie in de Brexit-onderhandelingen.

Een andere grote uitdaging voor de toekomst blijft “mensen vinden”. De vergrijzing in de sector neemt toe en de instroom van jonge gekwalificeerde arbeidskrachten is onvoldoende. Bovendien telt de sector een groot aantal knelpuntvacatures van vooral technische profielen. Mensen vinden is dan ook dé prioriteit van vele voedingsbedrijven. Duaal leren, stages in voedingsbedrijven, STEM-onderwijs zijn dan ook initiatieven die wij steunen. De Vlaamse voedingsindustrie is immers een innoverende sector die veel kansen biedt voor jong talent.