Werkgelegenheid in de voedingsindustrie

Tewerkstelling groeit nog steeds

In 2020 was de voedingsindustrie veruit de grootste industriële werkgever van België. De sector telde 95 670 banen. Ten opzichte van 2019 werden meer dan 1 000 arbeidsplaatsen gecreëerd, een stijging met 1,1%. Op het eerste zicht kan dit verbazend lijken, gezien de coronacrisis en de negatieve impact ervan op de economische activiteit.

In de rest van de verwerkende industrie is het aantal banen gedaald (-4 000 arbeidsplaatsen of 1,0% minder).

Door de uiteenlopende evolutie neemt het aandeel van de voedingsindustrie in de industriële tewerkstelling verder toe. Van 18,6% in 2014 steeg die naar 20,1% in 2020.

Groeiversnelling van de tewerkstelling

Volgens de RSZ, “uit de volledige of gedeeltelijke sluiting van heel wat ondernemingen zich in hoofdzaak op twee manieren op de arbeidsmarkt: het toepassen van tijdelijke werkloosheid en het stopzetten of niet hernieuwen van tijdelijke contracten. Die fenomenen zijn beide zichtbaar in de cijfers, zij het op een andere manier. Bij tijdelijke werkloosheid blijft de band tussen werknemer en werkgever behouden, maar worden geen of slechts gedeeltelijke prestaties verricht. Dat geeft een directe daling van het arbeidsvolume in voltijdsequivalenten. Het stopzetten of niet hernieuwen van tijdelijke contracten geeft een onmiddellijke daling van het aantal arbeidsplaatsen. Omdat deze jobs vaak bijkomende jobs zijn, is de daling van het aantal tewerkgestelde werknemers minder uitgesproken.”

De voedingsindustrie, die door de totale of gedeeltelijke sluiting van tal van afzetkanalen (horeca, foodservice, export) zwaar is getroffen, maakte sterk van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht, vooral in het 2e kwartaal. Aangezien het aantal tijdelijke banen wellicht relatief laag was, had dit evenwel geen impact op het aantal arbeidsplaatsen.

 

Verdeling tewerkstelling

De 3 grootste sectoren in termen van aantal arbeidsplaatsen zijn de bakkerijsector, de vleesindustrie en de verwerking en conservering van groenten en fruit, samen goed voor 52% van de totale tewerkstelling.

Ten opzichte van 2008 is de tewerkstelling bij de ondernemingen met minder dan 50 werknemers afgenomen (-9 pp) ten voordele van grote ondernemingen met meer dan 500 werknemers (+10 pp). De voedingsindustrie heeft dus te maken met een duidelijke toename van de schaalvergroting bij ondernemingen. De terugval bij de kleinste ondernemingen is vooral het gevolg van het verdwijnen van ambachtelijke bakkerijen.