FEVIA sluit sectoraal akkoord voor alle 90.000 werknemers van de sector

Fabienne Lahaye
19.05.2017

FEVIA en de vakbonden bereikten een sectoraal akkoord voor de periode 2017-2018 rond de loonmarge en een aantal werkgelegenheidsmaatregelen voor de arbeiders en bedienden in de voedingsindustrie. De sociale partners kwamen overeen om de maximale loonmarge van 1,1% zoals voorzien in het Interprofessioneel Akkoord (IPA) te respecteren voor alle werknemers van de voedingssector. De onderhandelingen op bedrijfsniveau kunnen nu van start gaan binnen diezelfde marge.

De sectorale onderhandelingen volgden op het Interprofessioneel Akkoord (IPA) dat de Groep van Tien eerder onderhandelde. Dat IPA legt de marge voor loonkostontwikkeling vast op maximum 1,1% voor de periode 2017-2018. De sectorale akkoorden voor de arbeiders en de bedienden uit de voedingsindustrie voorzien een koopkrachtverhoging van 1,1% voor alle 90.000 werknemers uit de sector, bovenop de indexatie.

Daarnaast bevat het akkoord ook de verlenging van bestaande afspraken op vlak van de stelsels van werkloosheid met bedrijfstoeslag, ook bekend als het vroegere brugpensioen, en tijdskrediet. Nieuw in dit akkoord is de regeling rond vorming; elke werknemer uit de sector kan in de toekomst aanspraak maken op twee dagen vorming. Hiermee bevestigt FEVIA het belang van goed gevormde medewerkers voor de competitiviteit en groei van de Belgische voedingsbedrijven.

Nu is het de beurt aan de bedrijven om te gaan onderhandelen binnen die marge. Bedrijven die bijstand nodig hebben, kunnen uiteraard rekenen op  FEVIA.

Wil u op de hoogte blijven van de sectorale akkoorden in de voedingsindustrie?
Volg dan het thema Interprofessionele akkoorden en sectorale cao's